Huis met rommel in de voortuin

De buren geven een luidruchtig feestje, wie kent het niet? Geluidsoverlast, maar ook vervuiling, verloedering van gebouwen, intimidatie en risico op brand zijn voorbeelden van woonoverlast. Het antwoord lijkt simpel, maar een uithuiszetting verplaatst het probleem en lost het niet op.

Wie en wat helpt bij woonoverlast?

Woonoverlast is pas opgelost als u geen last meer ervaart. Natuurlijk kunt u verhuizen, of eisen dat uw buur verhuist. Maar dat is simpelweg het probleem verplaatsen, het is beter om woonoverlast actief aan te pakken. Daarvoor kunt u verschillende stappen ondernemen, al dan niet met hulp van gemeente, politie of andere instanties.

Wat kan ik als bewoner doen bij woonoverlast?

De eerste stap die u kunt nemen, is gaan praten met uw buur. Hoe eerder u kenbaar maakt dat u overlast ervaart, des te beter het bespreekbaar is. Gaat u liever niet alleen? Neem dan iemand mee, maar zorg ervoor dat uw buur niet het idee krijgt dat het velen tegen één is. Leg duidelijk uit dat de overlast een probleem voor u is en zorg ervoor dat uw toon aardig en beleefd is.

Wat doe ik als praten niet helpt?

Het komt voor dat de overlast blijft duren, of dat uw relatie met uw buren niet goed is. Dan wilt u graag weten welke opties u nog meer heeft. Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV) biedt hier een handige tool voor, waarin u vragen beantwoordt over uw situatie (casus). Daar rolt een overzicht uit met de stappen, of interventies, die passen bij uw situatie.

Wie kan mij helpen als ik woonoverlast heb?

U kunt de gemeente inschakelen, of de woningcorporatie, politie of hulpverleners. Ook huismeesters of wijktoezichthouders kunnen de situatie in het oog houden en helpen met bemiddeling. Wie de aangewezen bemiddelaar is, hangt af van het type overlast. Bij wie u het eerste aanklopt, kunt u vaak bij de gemeente navragen.

Welke maatregelen zijn er voor woonoverlast?

Bemiddeling, huisregels en een klacht indienen bij een meldpunt zijn enkele voorbeelden van maatregelen die bewoners zelf kunnen nemen. Gaat het om acute woonoverlast, dan is het aan de politie om op meldingen te reageren en de orde te handhaven. Bij woonoverlast door psychische problemen wordt vaak eerst de politie gewaarschuwd, die hulpverleners en de gemeente inschakelt. Een verhuurder kan een gedragsaanwijzing opleggen, in de vorm van een gebod of verbod. Uithuiszetting, door ontruiming of sluiting, is een laatste redmiddel, waar een lang traject aan vooraf is gegaan.

Bel ik bij woonoverlast de Rijdende Rechter?

Grofweg zijn er twee manieren om woonoverlast aan te pakken: juridisch en niet-juridisch. Een rechtsgang is vaak langdurig, doordat het dossier aangelegd moet worden en er de overlast onrechtmatig is. Daarom hebben niet-juridische maatregelen de voorkeur, omdat dit gemakkelijker, vriendelijker en vaak prettiger voor de buurt is op lange termijn. Bellen naar de Rijdende Rechter is dus niet direct nodig, tenzij u uw vijftien minuten faam in de tv-rechtbank wilt doorbrengen natuurlijk.